Red de democratie!

U bent in: Bruikbaar voor u

Red de democratie!

Auteur: Hein van Duivenboden
Publicatiedatum: 04-02-2003

Eindelijk rust. Lang leve een avondje zappen langs zinloze televisie. Eindelijk weer gewoon géén NIPO-peilingen, politieke aandelenmarkt, lijsttrekkersdebatten of wat dies meer zij. Eindelijk gewoon een lunch met collega’s zonder de vraag “Op wie ga jij...?”

Dat waren de tweede verkiezingen binnen een jaar. In een duizelingwekkend tempo verschenen lijsttrekkers en -duwers op televisie, radio en in de geschreven pers om u en mij en mijn overbuurvrouw uit te leggen wat de visie van de partij is en vooral wat de enge mening van die andere partij eigenlijk betekent voor u, bijzonder gewaardeerde burger. Want onze partij waardeert u écht en bijzonder veel!

Is de politiek actiever dan voorheen? Zijn de partijen en overheid daadwerkelijk geïnteresseerder in de burgers dan voorheen?

Als ik op een maandagavond, niet lang geleden, de bijzonder gewaardeerde professor Balkenende in een F-16-simulator zie zitten met twee BNN-babes, realiseer ik me dat dát het is. Simuleren dat je als politicus en (demissionair) minister-president daadwerkelijk luistert naar de mensen. Simuleren dat je het vervelend vindt van het weken moeten wachten op die vergunning voor het verbouwen van uw schuurtje. Simuleren dat je daadwerkelijk de tijd neemt om helder uit te leggen hoe het zit met Irak. Als de verkiezingsdag verdwenen is, verdwijnt de politiek en daarmee de democratie weer uit het zichtveld van de meeste stervelingen. Pas bij netelige kwesties en na lang en vervelend aandringen van het Haagse journaille lijkt men bereid een minuutje toelichting te geven. Maar vooral niet in luide en duidelijke BNN-bewoordingen. Helaas.

De staatsburger is na 22 januari voorlopig geen kiezer meer, maar gewoon burger. De burger is vervuiler, vergunningenaanvrager, informatieaanvrager, klager over wachttijden, belastingbetaler, in een aantal gevallen slachtoffer en hier en daar zelfs wetsovertreder. Lastig dus. Lastig en vooral geen reden om in een F-16-simulator te kruipen om uit te leggen over Saddam en de vastgelopen wapeninspecties van drie jaar geleden.

Is dit een scherpe analyse of ben ik gewoon verkiezingsmoe? Ben ik tegen Balkenendes ideeën of vind ik ook die van Bos en Zalm weinig inhoud hebben? Ach, ik maak me weer druk en als ik me druk maak, zeg of roep ik dingen die niet persé waar hoeven te zijn. Wie de afgelopen jaren goed heeft opgelet, ziet namelijk wél de toenemende aandacht van de overheid voor de burgers, hun ‘klanten’.

Leuker kunnen we het niet maken, wel makkelijker. Die kennen we allemaal van de belastingdienst. Politiekorpsen die de mogelijkheid bieden om elektronisch aangifte te doen van eenvoudige zaken. Of een mooi voorbeeld waarbij verschillende organisaties samenwerken om tot een goede ‘bediening’ te komen is de asielketen. De asielzoeker krijgt sneller duidelijkheid over de status als de Immigratie- en Naturalisatiedienst intensiever samenwerkt met COA, de Vreemdelingendienst, de Vreemdelingenkamers en de ministeries van Jusitie en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Waarom de overheid het makkelijker is gaan maken? Ten eerste: klant is koning. De klant, burger, is mondiger geworden en daarmee terecht veeleisender. We zijn gewend geraakt aan uitspraken als “volgende week vrijdag om 15:00 uur wordt het bankstel bij u afgeleverd” en pikken niet langer het “ik doe mijn best de vergunning in orde te maken maar ik weet niet of en zo ja, wanneer dat lukt”. We verwachten resultaatgerichtheid van bedrijven. We willen dat ook van de overheid.

Ten tweede: de overheid moet wel. Door het vervagen van afdelingsgrenzen en zelfs organisatiegrenzen is de omgeving ook voor de overheid complexer geworden. Hier is een nieuwe vorm van sturing - jawel, een klantgerichte sturing - voor nodig. De overheid is een van de partijen in tal van netwerken geworden die gezamenlijk invloed hebben op de omgeving.

De overheid realiseert zich dit in meer of mindere mate. ICT-ontwikkelingen helpen de (digitale!) overheid bovendien een handje om een en ander te realiseren.

Waarom wind ik me dan zo op? We zijn toch op de goede weg? Waarom zie ik dan toch weer die bijzonder gewaardeerde professor Balkenende in een simulator? Ik zie hem weer voor me op tv en onderdruk de heftige neiging om te gaan schreeuwen. “Doe nu niet net alsof! Stap eens in een echte F-16! Wapen ons land voor de toekomst! Schiet op! Red ons land! Werk aan de relatie tussen overheid en burger! Vertel me hoe je technologie gaat inzetten! Red de democratie!”.

Dat is het. Het gebeurt allemaal nog zo schoorvoetend. Ik wil niet alleen op 22 januari of andere verkiezingsdata democratie. Ik wil niet alleen een goede bediening van eenvoudige zaken in gemeente A en D maar ook in B en C. Ik pleit voor instant democracy. Democratie wanneer ik of u of mijn overbuurvrouw het wil. Maak de besluitvorming democratischer. Ook al gaat het om individuele gevallen.

Ik pleit voor een permanente verbetering van de dienstverlening van de publieke sector. Ook al moet de belastingdienst met andere instanties samenwerken om het mij nog makkelijker te maken.

Ik pleit voor digitale debatten, die terug te vinden zijn wanneer ík dat wil. Ik pleit voor debatten over informatievoorziening. Ik pleit voor de openbaarheid van veel meer overheidsinformatie.

Bijzonder gewaardeerde politiek en overheid, ik pleit voor een samenwerking tussen u en mijzelf. Ik pleit voor vertrouwen in elkaar. Ik pleit voor uitwisseling van informatie. Ik pleit ervoor om de technologie en de middelen te gebruiken die daarvoor beschikbaar zijn. Voor dienstverlening waar ik wat aan heb. En ik pleit voor mijn mening en inspanningen waar wij met de samenleving wat aan hebben. Ik pleit voor elke dag democratie.

Lang leve de democratie!

*** De columns op deze website worden op persoonlijke titel geschreven.***