Adaptive - Spelenderwijs
Auteur: Ton de Baaij
Publicatiedatum: 03-11-2003
Spelenderwijs ontdekken wie je bent en wat je bij kunt dragen aan je omgeving. Als je het eerste vergeet of niet luistert naar signalen, stagneert niet alleen je adaptief vermogen, maar je hele vermogen en blijf je alleen achter.
Waar ben ik nu weer in verzeild geraakt? Ik doe in mijn werk vooral dingen waar ik goed in ben en waar ik plezier en voldoening aan beleef. Dat bevalt mij heel goed en ik merk dat ik door goed voor mezelf te zorgen meer heb te bieden aan mijn omgeving. En nu ben ik ineens een spelletje aan het ontwerpen!?! Wat heeft dat met mij te maken?
Ik ben niet zo’n spelletjesmens en het ontwerpen van een spel biedt niet het rechtstreekse contact met mensen dat ik wil. Ik moet op dit moment eigenlijk werken aan de volgende stap in het spelontwerp maar ik zit deze column te schrijven. Dat trekt me meer. Bovendien helpt het mij te reflecteren op mezelf en hoe ik in godsnaam in deze activiteit verzeild ben geraakt.
Het bedoelde spel moet helpen om een nieuwe methode van werken zo goed mogelijk tussen de oren van de werknemers te krijgen. Door een deel van mijn rol ben ik als zodanig hierbij betrokken en werk hier aan mee. Ik zou dit alleen nooit kunnen, maar we hebben een aantal mensen bereid gevonden om hier aan mee te doen. Ze zijn zo enthousiast en hebben ieder een eigen aandeel in het geheel.
Plug & Play
Zo werken we vanuit ieders competenties aan een oplossing voor het vraagstuk
dat er ligt (Plug & Play). Geen van ons is opgeleid tot spelletjesmaker, dus
we brainstormen en banen een weg naar wat een spel zou kunnen zijn, passend bij
de behoefte. Alleen samen kunnen we komen tot het gewenste resultaat. Door naar
elkaar te luisteren en de vrijheid te voelen om in te brengen wat er in je opkomt,
komen we verder (Learn & Leverage).
Seed Select & Amplify
Soms wordt een gekozen pad verworpen omdat het onvoldoende bijdraagt aan de doelstelling
en andere ideeën worden juist verder ontwikkeld omdat het de potentie heeft van
de oplossing voor het vraagstuk (Seed, Select & Amplify). We zijn met zijn
zessen en werken in 3 groepjes van 2. De ene groep werkt aan het speelbord, de
andere groep aan de spelregels en ik werk samen met een ander aan de speelkaarten.
Read & React
Dat houdt in dat ik aan één deel van de kaarten werk en mijn collega aan een
ander deel. Als we samen komen, bekijken we de resultaten, geven feedback, verwerpen
onderdelen, komen tot nieuwe onderdelen en configureren de onderdelen tot een
geheel. In de grote groep komen alle spelelementen op tafel te liggen en speelt
zich hetzelfde proces af. Daarin is het belangrijk om elkaar aan te voelen en
vanuit je eigen oorspronkelijkheid daarop te reageren (Read & React), zowel
binnen het groepje van 2, als in de grote groep van 6.
Ik weet nog toen elk groepje voor het eerst met hun huiswerk terugkwam in de grote groep. De delen sloten prachtig op elkaar aan. Dat kan alleen maar als je van tevoren elkaar goed hebt aangevoeld.
Het begint bij jezelf
Die samenwerking is heel inspirerend voor mij, ook al heb ik niets met spelletjes.
Ik ben ook verrast door wat ik er toch in heb bij te dragen. Maar als ik dan hier
alleen zit om mijn huiswerk te maken, kom ik weerstand tegen. Ik vind geen motivatie,
geen energie. Ik loop steeds weer weg van mijn laptop en de schetsen. Zoekend
naar wat? Naar een sparringpartner? Naar inspiratie? Dan verdwijnt mijn adaptief
vermogen en dat is logisch, want ik ben er alleen mee bezig. Ik denk er over om
mij terug te trekken en ruimte te geven aan een andere enthousiasteling, die zich
al als zodanig bij mij heeft gemeld: ‘Ik hoor dat je samen met anderen een spel
aan het maken bent. Dat lijkt me zo leuk. Mag ik meedoen?’ Van mij wel en het
liefst in mijn plaats.
Ik doe mezelf geweld aan als ik hier mee door blijf gaan. Het lijkt op vluchten, maar ik zie het liever als zorgen voor mezelf. Als ik niet luister naar de signalen die ik krijg, gaat het ten koste van mij en vervolgens ook ten koste van mijn bijdrage aan de omgeving. Ik moet gepast reageren op de signalen. Ik wil graag meedoen in teams waarin ik vanuit mezelf ook de inspiratie vind en waarin mijn competenties worden gebruikt. In zulke teams kan ik wezenlijk bijdragen en kan ik van anderen leren en tot vernieuwde bijdrage komen.
Je moet een basketballer niet in een voetbalelftal plaatsen. Door de lengte kan het mogelijk wel een bijdrage aan het team leveren bij kopballen, maar uiteindelijk schiet niemand er wat mee op. De loopbaan van de basketballer al helemaal niet. Zo voelt dat ook voor mij. Het is wel leuk en zinvol om te experimenteren. En dat heb ik nu ook gedaan. Ik ben er aan begonnen, heb er wel wat in bereikt. Maar het is ook belangrijk te verwerpen wat je niet past. Zo raakt dit verhaal de adaptiviteit in zijn basis.
Je hebt in relatie tot je omgeving de adaptive attributes nodig om goed te responderen op de gebeurtenissen en veranderingen. Echter als je deze alleen gebruikt in relatie tot je omgeving en niet voor jezelf, dan gaat het verkeerd. Dan kun je ziek worden, verdwijnen in de omgeving. Een organisatie, die adaptief met zijn omgeving omgaat, maar binnen de organisatie geen adaptief vermogen heeft of gebruikt, wordt een speelbal van de omgeving. Wie wil ik zijn in relatie tot mijn omgeving? Een vraag voor organisatie en individu. Welk spel wil ik spelen en hoe kan ik dat zo goed mogelijk doen? Door in ieder geval mee te spelen bij een spel dat bij me past, te luisteren naar signalen van mezelf, te durven experimenteren, maar ook daarmee te stoppen als het niets oplevert voor mezelf en door te kunnen leren van de ander, voortbouwend op mijn interesses en talenten.
Spelenderwijs ontdekken wie je bent, wat je bij kunt dragen aan je omgeving. Als je het eerste vergeet of niet luistert naar signalen, stagneert niet alleen je adaptief vermogen, maar je hele vermogen en blijf je alleen achter. Dat wil toch niemand?
*** De columns op deze website worden op persoonlijke titel geschreven.***
