Rapport Capgemini: overheden en regelgevers verhogen druk op Europese energiebedrijven ondanks volatiele omstandigheden

| Press release
Capgemini heeft vandaag, in samenwerking met Exane BNP Paribas, CMS Bureau Francis Lefebvre en VaasaETT Global Energy Think Tank , de resultaten bekendgemaakt van het veertiende European Energy Market Observatory-rapport (EEMO). Uit het onderzoek blijkt dat overheden en regelgevers in een periode van economische onzekerheid extra druk uitoefenen op energiebedrijven en daarmee niet alleen de toekomstige winstgevendheid maar ook de broodnodige nieuwe investeringen in de energie-infrastructuur in gevaar brengen.

De economische crisis heeft geleid tot volatiele prijzen en een stagnering van het energieverbruik in Europa (bij een constante temperatuur), wat een neerwaartse druk veroorzaakt op de inkomsten en de aandelenkoers van energiebedrijven. De druk wordt verder vergroot door plannen van een aantal landen om hun energiebeleid te heroverwegen in het licht van het ongeluk in Fukushima, nieuwe belastingen en een Europese compromistekst die vanaf 2014 van kracht wordt en boetes oplegt aan energiebedrijven wanneer hun klanten er niet in slagen om een bepaalde verlaging van het energieverbruik te bereiken. Energiebedrijven staan de komende tien jaar voor een investering van 1 biljoen euro in de energie-infrastructuur en moeten dus ver vooruit kijken, terwijl de omstandigheden op korte termijn steeds moeilijker worden. Colette Lewiner, die de voorzitter van Capgemini adviseert over energiezaken en energiebedrijven, merkt op: “Overheden moeten oppassen dat ze de kip met de gouden eieren niet slachten, zeker nu grote energiebedrijven hun activiteiten in Europa terugschroeven. Wanneer het de energiebedrijven erg moeilijk wordt gemaakt om de broodnodige investeringen in de energie-infrastructuur te doen, kan dat een dure aangelegenheid worden wanneer de economie aantrekt en de vraag naar elektriciteit en gas weer toeneemt.”

Lage Europese steenkolenprijzen gevaar voor winstgevendheid van noodzakelijke gascentrales

Hoewel de olieprijzen onverminderd hoog blijven als gevolg van geopolitieke problemen, zoals de dreiging van een oorlog met Iran, heeft de economische crisis in Europa en de VS – en de zwakkere groei in China en Brazilië – geleid tot een stagnering van het gas- en elektriciteitsverbruik.

In de VS winnen de producenten schaliegas tegen zeer lage kosten, waardoor de Amerikaanse gasprijzen omlaag gaan. In Europa is de situatie anders: gas is geen internationale markt. Gascontracten op lange termijn zijn gekoppeld aan geïndexeerde olieprijzen, wat tot veel hogere gasprijzen heeft geleid. Zo liggen de gasprijzen in Europa circa 300 procent hoger dan in de VS.

De goedkope gasprijs in de VS heeft geresulteerd in een overschot aan steenkool, wat op zijn beurt de prijs van steenkool in Europa laat zakken. Dit heeft geleid tot sluiting van een aantal gascentrales en een mogelijk verlies van 10.000 megawatt tussen nu en 2014 . Deze Europese gascentrales zijn echter hard nodig ter ondersteuning van de opwekking van duurzame energie en om bij te springen op momenten dat de vraag piekt (tijdens extreem koude of warme dagen). Voor de sector is het belangrijk dat op deze manier ‘capaciteitsmarkten’ worden gecreëerd die het mogelijk maken dat deze centrales levensvatbaar zijn.

De prijs van energieomschakeling

Door het ongeluk in Fukushima in maart 2011 staat kernenergie weer volop ter discussie. Landen onderzoeken nu hoe ze het aandeel van kernenergie in de energiemix kunnen terugbrengen. Het gevolg is dat de energiemix in Europa zal evolueren naar minder kernenergie en meer duurzame energie, gas en, in sommige landen, steenkool. Deze scenario’s leiden tot een verhoging van de CO2-uitstoot en vergen aanzienlijke extra investeringen van de energiebedrijven. Dit zal een grote impact hebben op de kosten van het opwekken van energie en het beheer van het elektriciteitsnet, en dus op de prijs voor de gewone huishoudens. Duitsland heeft in mei 2011 besloten om kernenergie uit te faseren, wat voor de Duitse klant zal leiden tot een significante toename van de elektriciteitsprijzen. Voor de Duitse industrie zouden de prijzen in 2025 tot 70 procent hoger kunnen komen te liggen .

Als in Frankrijk het gebruik van kernenergie wordt verlaagd tot 50 procent van het totale energieverbruik, gaan de elektriciteitsprijzen 16 procent omhoog, wat inhoudt dat huishoudens 12 procent meer gaan betalen.

Duurzaamheidsproces bedreigd door lagere subsidies

Duurzame energie blijft zich uitbreiden in Europa. Het jaar 2011 kende meer dan 70 procent extra capaciteit. De EU 2020-doelstelling om tegen 2020 een mix te hebben die voor 20 procent bestaat uit duurzame energie wordt echter moeilijk haalbaar, ondanks dat met de aanleg van omvangrijke windmolenparken voor de kust van lidstaten als het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk is begonnen. Dit is het gevolg van de staatsschuldencrisis die overheden dwingt om de terugleververgoeding en andere fiscale beloningen terug te brengen die het duurzaamheidsproces hebben aangewakkerd. De zonne-energiesector is hierdoor met name zwaar getroffen. De lagere subsidies hebben wereldwijd gezorgd voor een overaanbod van de productiebedrijven en hebben China ertoe aangezet om de export van installaties naar de VS en Europa aanzienlijk te verhogen, met name die van fotovoltaïsche zonnepanelen. Het is nu de verwachting dat op korte termijn over de hele wereld minstens de helft van de producenten van fotovoltaïsche zonnepanelen zal worden overgenomen of failliet zal gaan .

Europese uitstootdoelen worden gehaald, maar voornamelijk door vertraging van de economie

Hoewel de markt en de signalen die van de regelgever uitgaan, niet van dien aard zijn dat de sector wordt aangemoedigd om te kiezen voor technologie met een lage uitstoot, zullen de CO2-doelen van EU 2020 waarschijnlijk wel worden gehaald dankzij de economische crisis en de verplaatsing van fabrieken naar Azië, waardoor het energieverbruik en dus de CO2-uitstoot afnemen. Het Europese systeem voor emissiehandel (ETS ) moet dringend worden hervormd. De prijs van de emissierechten is van 14 euro per ton begin 2011 gezakt tot 6 à 7 euro per ton in mei 2012, wat wijst op een overschot aan emissierechten. Op korte termijn moet de veiling van extra rechten worden uitgesteld (‘backloading’) om opnieuw te komen tot de schaarsheid die nodig is om de prijzen weer op te drijven. Door de interne procedures van de EU kan dit belangrijke amendement pas in april 2013 worden aangenomen .

Energie-efficiëntie

Het zal moeilijk worden om het doel te halen dat EU 2020 stelt op het gebied van energiezuinigheid. Hiertoe werd in juni 2012 een Europese compromistekst aangenomen voor de richtlijn inzake energie-efficiëntie. Energiebedrijven moeten er vanaf 2014 voor zorgen dat hun eigen klanten energie gaan besparen. Vastgelegd is dat deze gecombineerde energiebesparing jaarlijks 1,5% van het energieverkoopvolume van de energiebedrijven moet bedragen. Een energiebedrijf dat deze gecombineerde energiebesparing niet haalt, krijgt een boete.

Enorme investeringen in infrastructuur noodzakelijk, maar energiebedrijven vertragen kapitaaluitgaven

Tegen 2020 moet in Europa minimaal 1 biljoen euro worden geïnvesteerd in infrastructuur – van energieopwekking en energienetwerken tot installaties voor de hervergassing van LNG en leidingen. In de Europese elektriciteitssector zijn deze investeringen nodig om verouderde centrales te kunnen vervangen (in Europa is in 2011 bijna 9,5 gigawatt buiten werking gesteld) en meer in het algemeen om het netwerk te kunnen versterken. Een en ander moet de energiebevoorrading verzekeren, decentrale en duurzame energie mogelijk maken en de bestaande netwerken omvormen tot slimme netwerken. De gassector moet investeren in grote importleidingen en LNG-faciliteiten. Deze raming is exclusief minimaal 350 miljard euro aan Duitse investeringen in de opwekking van elektriciteit en energienetwerken ter compensatie van de uitfasering van kernenergie, of de maatregelen die in Europa moeten worden getroffen om de kerncentrales veiliger te maken en die bijvoorbeeld voor de 58 reactoren in Frankrijk alleen al zullen uitkomen op 10 miljard euro . Door de huidige economische onzekerheid en een gebrek aan betrouwbare prognoses voor de toekomst van de eurozone staan veel energiebedrijven huiverig tegenover nieuwe investeringen. De ‘wake-up call’ voor na de crisis belooft een hele uitdaging te worden.

Energiebedrijven onder druk

Tijdens de observatieperiode zijn de aandelen van energiebedrijven gedaald (ten opzichte van MSCI Europe). Ook de prijs-winstverhouding nam af. Europese regelgevers en overheden beschouwen energiebedrijven toch nog steeds als ‘melkkoe’, aldus de ontwikkelingen op het gebied van wetgeving en politiek. Zo is het nieuwe Europese compromis over energie-efficiëntie, dat energiebedrijven er vanaf 2014 toe verplicht om hun eigen klanten tot energiebesparing aan te zetten, een enorme belasting voor de sector. Bovendien geven politieke beslissingen, zoals de versnelde uitfasering van kernenergie in Duitsland en de jaarlijkse belasting op kernenergie in België en onlangs Spanje, aan dat energiebedrijven door de belangrijkste betrokken partijen nog steeds worden gezien als een gemakkelijke bron van inkomsten.

Kijk voor het beknopte rapport op: http://www.capgemini.com/eemo


1 Exane BNP Paribas, CMS Bureau Francis Lefebvre en VaasaETT Global Energy Think Tank zijn partners van de Capgemini European Energy Markets Observatory. Meer informatie is te vinden aan het eind van het persbericht.
2 Raming van de EU vóór het nucleaire ongeluk in Fukushima.
3 Door mogelijke sluitingen kan er tussen nu en 2014 10.000 megawatt verloren gaan.
4 Onderzoek van het Karlsruher Institut für Technologie (KIT) in opdracht van de Kamer van Koophandel van Baden-Württemberg.
5 Onderzoek van de Union Française de l’Électricité (UFE): Électricité 2030 : quels choix pour la France ?
6 Renewable energy country attractiveness indices, nummer 33, Ernst & Young en Bloomberg New Energy Finance, mei 2012.
7 ETS: Emissions Trading Scheme, het Europese systeem voor de handel in CO2-emissierechten.
8 Raming van Deutsche Bank.
9 LNG: Liquefied Natural Gas of vloeibaar aardgas.
10 Raming van de Duitse staatsbank KfW.
11 Raming van het Franse agentschap voor nucleaire controle ASN.